Primair

Uit ESB Wiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Het onderstaande diagram toont de gegevensobjecten die betrokken zijn bij de primaire processen van een onderwijsinstelling in hun onderlinge samenhang. Een aantal van deze gegevensobjecten speelt ook een rol in de ondersteunende processen.

Wanneer in het diagram boven de naam van het gegevensobject schuingedrukt een ander gegevensobject wordt genoemd, betekent dat dat het desbetreffende object een verbijzondering is van het genoemde object. Meer informatie over deze objecten is te vinden in de diagrammen over Middelen, Personen en Registraties.

CampagneMarktsegmentProspectOverdrachtsdossierIntake-afspraakAssessmentIntakeresultaatPrimair#AanmeldingMedewerkerOnderwijslocatieOnderwijsinstellingVerbintenisOpdrachtgeverDeelnemerPrimair#AdministratiefPortfolioDeelnemerdossierWerkproductPrimair#DeelnemerLeverancierContractOnderwijsmateriaalOnderwijsproductOpleidingReferentiearrangementArrangementPrimair#AanbodResultaatNormeringKwalificatiedocumentAlumnusPrimair#KwalificatieAfspraakTaakJaarplanningLestijdentabelHulpmiddelRuimtePrimair#UitvoeringBPV-plaatsBPV MatchBPV-overeenkomstPraktijkopleiderBPV-bedrijfPrimair#BPVPrimaire processen.png
Over deze afbeelding

Aanmelding

Prospects kunnen via een intakeproces toegelaten worden tot een opleiding. Zodra een Persoon interesse toont, wordt deze een Prospect (d.w.z., krijgt deze de Persoonsrol Prospect; NB. Hier is altijd een Registratie mee gemoeid naar aanleiding van een – initieel – contact, bijvoorbeeld door het opgeven van een e-mailadres). Een Prospect wordt uitgenodigd voor een (reeks van) Intake-afspra(a)ken, waar Assessments onderdeel van uit kunnen maken. De Prospect brengt eventueel ook een Overdrachtsdossier met zich mee. De uitkomst van deze Intake-afspraken – het Intakeresultaat – kan leiden tot een overeenkomst, d.w.z. een Verbintenis tussen de Prospect (vanaf dan Deelnemer) en de Onderwijsinstelling. Het Intakeresultaat kan zicht geven op bijzonderheden, bijvoorbeeld met betrekking tot inzetbaarheid vanwege dyslexie. Bij de intake worden alleen de bijzonderheden gesignaleerd, pas na de overeenkomst (zodra het over een Deelnemer gaat) worden daar verder afspraken over maken.

Gegevensobjecten:


Administratief

We maken onderscheid tussen een Onderwijsinstelling en de Onderwijslocaties van die instelling. De Onderwijsinstelling heeft een identificatienummer op instellingsniveau, en locatiecodes op locatieniveau. De manier waarop instellingen en locaties geïdentificeerd worden is in beweging (BRIN-volgnummers werden bijvoorbeeld voorheen gebruikt om uitvoeringslocaties te typeren, maar tegenwoordig wordt ook het KvK-nummer hier wel voor gebruikt). Er is dan ook geen standaard identificatie voorhanden die op alle instellingen van toepassing is. Met andere woorden, dat er een instelling- en locatiecodes zijn geldt voor alle Onderwijsinstellingen, maar de precieze invulling daarvan is instellingspecifiek.

Een Verbintenis wordt altijd afgesloten tussen de Onderwijsinstelling en de Deelnemer; de Deelnemer committeert zich op het afnemen van een Opleiding (NB. Opleiding hier als containerbegrip – een opleiding kan ook uit bijvoorbeeld één enkel Onderwijsproduct bestaan). In een deel van de gevallen is bij de Verbintenis een Opdrachtgever betrokken die de Deelnemer vertegenwoordigt (e.g., wettelijk vertegenwoordiger, werkgever) en in formele zin de Verbintenis aangaat. Een Verbintenis is gekoppeld aan de Onderwijslocatie die voor de Deelnemer de hoofdlocatie is en daarmee (administratief) de ‘thuisbasis’ is van de Deelnemer.

Gegevensobjecten:


Deelnemer

Rondom de Deelnemer vinden twee soorten dossiervorming plaats:

  • Het Portfolio is in beheer bij en eigendom van de Deelnemer. De omgeving waarin het Portfolio wordt beheerd is in de regel wel van de instelling.
  • Delen van het Portfolio worden door de Deelnemer aangeleverd en worden – samen met andere informatie – in het Deelnemerdossier opgenomen. Het Deelnemerdossier is eigendom van de Onderwijsinstelling.

Het Deelnemerdossier kan in praktijk bestaan uit verschillende ‘subdossiers’, zoals een zorgdossier, administratief dossier, begeleidingsdossier, examendossier, et cetera. In dit model zijn al die subdossiers samengenomen als één ‘Deelnemerdossier’ dat bestaat uit gegevens die (via tags) vindbaar zijn met betrekking tot zorg, begeleiding, examen, et cetera. Alleen het Overdrachtsdossier is – onder Aanmelding – apart opgenomen; hierbij gaat het immers om informatie die van buiten de instelling (waar de informatie eventueel onderdeel is van een Deelnemerdossier bij een andere instelling) naar binnen de instelling wordt gehaald. Zodra een Prospect echter Deelnemer wordt, worden de relevante delen van het Overdrachtsdossier onderdeel van het Deelnemerdossier en verdwijnt het Overdrachtsdossier als apart object.

Gegevensobjecten:


Aanbod

Onder Opleiding (in algemene zin) verstaan we alles waar je een Verbintenis voor afsluit. Een Opleiding kan één of meer Onderwijsproducten bevatten; je schrijft je dus nooit rechtstreeks in op een Onderwijsproduct. In praktijk kan er een nog verdergaande hiërarchische indeling bestaan, wanneer bijvoorbeeld domeinen worden onderscheiden die ieder voor zich weer uit meerdere opleidingen (in enge zin) bestaan. In het model – en ten aanzien van berichtenverkeer – behandelen we in dat geval ook domeinen als een Opleiding (in algemene zin). Een latere selectie van een opleiding binnen een domein leidt in dat geval tot een gewijzigde – of wellicht zelfs nieuwe – Verbintenis, en is daarmee een trigger voor nieuwe berichten. Een Opleiding heeft zelf géén attribuut ‘locatie’: bij de Verbintenis wordt een hoofdlocatie geregistreerd, de Opleiding wordt vervolgens aangeboden op een uitvoeringslocatie. Die uitvoeringslocatie zit opgenomen als metadata van de Onderwijsproducten.

Gegevensobjecten:


Uitvoering

In de uitvoering van het onderwijs krijgt de Deelnemer een Afsprakenlijst, waarin ook de benodigde Middelen (Ruimtes, Onderwijsmateriaal, Hulpmiddelen en Medewerkers) gepland worden, en een Takenlijst, die voortkomt uit de Onderwijsproducten. Merk op dat de gemaakte Afspraken niet alleen betrekking hebben op (de agenda van) de Deelnemer, maar ook op de agenda c.q. beschikbaarheid van de bij de afspraak betrokken Middelen. Een rooster komt in het model niet expliciet terug als een apart object, maar impliciet als de combinatie van een set van Afspraken.

Gegevensobjecten:


BPV

Voor BPV is de Afspraak in eerste instantie een “lege enveloppe”. Pas nadat er matching heeft plaatsgevonden en er sprake is van een BPV Match kan de Afspraak concreet ingevuld worden met BPV-plaats, BPV-bedrijf en Praktijkopleider. De vraag of een BPV-bedrijf geaccrediteerd is voor een bepaalde Opleiding wordt beantwoord door naar de kwalificaties van de desbetreffende Rechtspersoon te kijken, analoog aan hoe de kwalificaties van medewerkers worden bepaald.

Gegevensobjecten:


Kwalificatie

Taken en Afspraken leiden tot Resultaten (formatief of summatief) die beide in het Deelnemerdossier worden opgenomen. Binnen het Deelnemerdossier kunnen ook “berekende resultaten” worden toegevoegd. Omdat dit binnen de context van het Deelnemerdossier blijft, is het toevoegen van berekende resultaten voor het berichtenverkeer niet interessant. Uiteindelijk wordt op basis van de informatie die is verzameld in het Deelnemerdossier – waaronder de Resultaten en berekende resultaten – een Kwalificatiedocument (zoals een getuigschrift of schoolverklaring) opgesteld.

Gegevensobjecten: