Visie en doelen

Uit ROSA Wiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Bijdragen onderwijs aan ontwikkeling en groei

Het onderwijssysteem in Nederland is gestructureerd in verschillende sectoren. Elke sector kent een unieke wetgeving, financiering en organisatievorm. Onderwijsvolgers stappen tijdens hun onderwijsloopbaan van de ene sector over naar een volgende onderwijssector en uiteindelijk ook naar werk. Het is vanuit het oogpunt van de kwaliteit en effectiviteit van ons onderwijssysteem van groot belang dat onderwijsprocessen in verschillende sectoren goed op elkaar aansluiten. Dan kunnen onderwijsvolgers soepel de best bij hen passende route door het systeem volgen en kunnen zij zo goed mogelijk worden ondersteund in hun ontwikkeling en groei.

Daarvoor is het noodzakelijk dat ter zake doende informatie wordt uitgewisseld of gedeeld over deelnemers, leer-/studieresultaten en leer-/studieprogramma’s. Leren is daarbij niet beperkt tot schooltijd. Juist ook tijdens het werken vindt continu leren plaats. Schoolverlaters zijn in die zin nooit onderwijsvolger-af: individuen leren en ontwikkelen zich een leven lang en onderwijsinstellingen leveren hier een bijdrage aan. Dit is gevisualiseerd in onderstaande figuur.

Bijdrage onderwijs aan ontwikkeling en groei van individuen

Transparantie en regie

Om de burger optimaal te kunnen ondersteunen in zijn ontwikkeling en groei zal de informatiehuishouding voor de onderwijsvolger zelf ook transparant moeten zijn en is het noodzakelijk dat hij regie kan voeren op zijn eigen (onderwijs)gegevens. Transparantie betekent dat het voor de onderwijsvolger duidelijk moet zijn bij welke organisatie welke gegevens over hem zijn opgeslagen in wat we de "digitale ruimte" zouden willen noemen (zie onderstaande figuur). Regie betekent dat de burger in staat wordt gesteld deze gegevens (her) te gebruiken en in sommige gevallen te bewerken, en te beslissen welke partijen al dan niet mogen inzien, gebruiken en bewerken. Daarbij is het niet noodzakelijk dat gegevens van de burger centraal worden beheerd en opgeslagen, maar dat gegevens op het moment dat het nodig is, opgehaald en/of ingezien kunnen worden bij de bron. Dus geen centraal dossier, maar een samenstelling van diensten.

'Digitale ruimte' voor onderwijsvolgers

Inrichting van de informatiehuishouding

Een belangrijk uitgangspunt dat ten grondslag ligt aan onze visie op de (inrichting van de) informatiehuishouding is dat we op termijn toewerken naar een gemeenschappelijke informatie-infrastructuur gebaseerd op services, die voor alle partijen beschikbaar zijn om door hen gewenste gegevens, op een door hen gewenst moment op te vragen c.q. beschikbaar te stellen. Deze service-georiënteerde infrastructuur bestaat uit een neutrale en gemeenschappelijke basisinfrastructuur, waarop services worden aangeboden die aan het gehele onderwijsveld beschikbaar kunnen worden gesteld. Uiteraard gelden hierbij strikte regels van identificatie, authenticatie en autorisatie, gebruikersvoorwaarden en zeggenschap over de data. Belangrijk hierbij is dat beschikbare informatie niet opnieuw wordt uitgevraagd. Hiervoor is het noodzakelijk om een overzicht op te stellen van alle voor de levering van een dienst noodzakelijke gegevens. Van elk van deze gegevens is vastgesteld of ze al in het onderwijsdomein geregistreerd staan of niet. Voor de gegevens die reeds geregistreerd staan, is vastgesteld wat de bronregistratie is. Ook is vastgesteld welke van deze gegevens authentieke gegevens zijn. Zijn er voor de dienst authentieke gegevens nodig, dan worden deze betrokken uit de (sectorale) basisregistraties. Is er behoefte aan niet-authentieke gegevens, dan wordt nagegaan of deze informatie al in eigen huis of bij andere partijen beschikbaar is. Wanneer dat het geval is en de Wbp het toestaat, wordt deze informatie hergebruikt.

Doelen

Vanuit deze visie richt de ROSA zich op de volgende doelen: