Informatievoorziening in het VO

Uit ROSA Wiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Algemeen

Leerlingen VO.jpg

Het voortgezet onderwijs kent drie stromingen: het VMBO, de HAVO en het VWO. Daarnaast bestaat er ook het praktijkonderwijs voor moeilijk lerende kinderen. Het VMBO bereidt voor op het Beroepsonderwijs (MBO, BVE), de HAVO op het Hoger Beroepsonderwijs (HBO) en het VWO op het wetenschappelijk onderwijs. In Nederland zijn er ongeveer 650 scholen voor het voortgezet onderwijs met gemiddeld 1400 leerlingen .

Leermiddelen en ICT in het onderwijs

Vanuit OCW is het ICT beleid min of meer ondergebracht bij Kennisnet. Het gebruik van ICT in het Voortgezet Onderwijs neemt langzaam toe. Van de leraren gebruikt 70-80% ICT regelmatig in de klas, en 50% weet dit ook didactisch in te zetten. Kennisnet ondersteunt scholen met een integrale visie op ICT (zoals de Vier in Balans Monitor) en kan scholen helpen een ICT beleid te ontwikkelen. In het Voortgezet Onderwijs ontwikkelt 54% van de leraren soms leermiddelen (t.o.v. 57% in het PO), 32% vaak (t.o.v. 15% in het PO), en 14% nooit (t.o.v. 29% in het PO). In het VO gebeurt dit dus duidelijk vaker dan in het PO. Hiervan deelt 79% van de leraren dit materiaal digitaal, hoewel slechts 5% dit deelt op open websites. In 2008 is besloten schoolboeken in het Voortgezet Onderwijs voortaan gratis te maken. Concreet houdt dit in dat scholen per leerling een bedrag in hun lumpsum krijgen om schoolboeken aan te schaffen. Dit heeft ervoor gezorgd dat scholen er meer op gebrand zijn om goedkoper lesmateriaal te verkrijgen. Open digitaal lesmateriaal zou de kosten van schoolboeken kunnen verminderen. De VO-raad heeft een innovatieplatform opgericht dat zich ook richt op de ontwikkeling van gratis digitaal lesmateriaal. Dit moet ontsloten worden via Wikiwijs .

Administratie en monitoring

Bij het monitoren van het leerproces is nog veel te winnen. Er is bij scholen nog veel weerstand tegen het openbaar maken van kwaliteitsgegevens. Medezeggenschappen hebben in theorie veel te zeggen over de transparantie van een school, maar hebben in praktijk weinig invloed. Vensters voor Verantwoording wordt nu op 200 scholen gebruikt. Dit is ongeveer 1/3 van het totaal. Projecten als het Elektronisch Overstapdossier en Vensters Voor Verantwoording (Voor het VO) helpen scholen om gestructureerd te werken aan verantwoording en monitoring. Bij Vensters Voor Verantwoording wordt er verantwoording afgelegd over het profiel van de school, schoolresultaten, onderwijsbeleid, kwaliteit en bedrijfsvoering. Het is van belang dat scholen weten dat het niet alleen om ‘hard’ verantwoorden en vergelijken gaat, maar dat het onderwijs zo verbeterd kan worden. In theorie kunnen trajecten om dit te realiseren misschien twee jaar duren, in de praktijk gaat hier misschien nog veel meer tijd over heen.

Er treedt in de toekomst steeds meer convergentie op tussen schooladministratiesystemen en Elektronische Leeromgevingen(ELO’s). Iddink, de op één na grootste schoolboekendistributeur, heeft het bedrijf Magister opgekocht. Dit administratiesysteem bedient 95% van de scholen in het VO. Het systeem is inmiddels volledig webbased, en ook gekoppeld aan een elektronische leeromgeving en digitaal lesmateriaal van uitgevers. Met de uitgevers en andere partijen zijn protocollen opgesteld zodat digitaal lesmateriaal van afzonderlijke uitgevers centraal toegankelijk is vanuit één portal. Magister is ook al gekoppeld aan registratiesystemen als BRON VO.

Veel uitgevers bieden delen van hun materiaal ook digitaal aan en richten zich in toenemende mate op interactief digitaal materiaal. Omdat elektronische schoolportalen en Elektronische leeromgevingen steeds belangrijker worden, zijn afspraken met scholen, fabrikanten van ELO’s, administratiesystemen en uitgevers essentieel. Standaardisatie om gegevens goed te kunnen uitwisselen is daarin een logische stap. Een voorbeeld hiervan is Eduroute, een start- en registratieportaal voor de ontsluiting van digitaal lesmateriaal naar de leerling. De doelstelling van Eduroute is dat alle leerlingen in het VO en het MBO rechtstreeks toegang krijgen tot de leermiddelen die ze besteld hebben, zonder bij elke uitgeverij afzonderlijk te registeren.

Informatiemanagement

Het informatiemanagement van scholen wordt vaak gecoördineerd door iemand uit het management team, afdelingshoofden, ICT-medewerkers, docenten met ICT-kennis, en soms ook met externe adviseurs. Leermiddelenbeleid en administratie zijn niet noodzakelijkerwijs aan elkaar gekoppeld. De aandacht voor leermiddelen is sinds de wet op gratis schoolboeken toegenomen, maar het lijkt erop dat er voor administratie, monitoring en verantwoording minder aandacht is. Bij 77% van de scholen in het VO is er een ict-beleidsplan, maar zes op de tien VO scholen gebruikt dit ook daadwerkelijk. Daarnaast is ruim 20% van de scholen bezig met de ontwikkeling van een visie. Van de schoolmanagers in het Voortgezet Onderwijs vindt 83% ICT zeer belangrijk. Wel blijkt dat slechts 15% van de leraren afspraken heeft gemaakt met het team over leerstofonderdelen die onderwezen worden met ICT.

Ook voor een school in het voortgezet onderwijs geldt dat het waarschijnlijk financieel niet mogelijk om een fulltime CIO aan te stellen. De functie van CIO zou kunnen worden belegd bij een lid van het MT. Een teamleider of de directeur zou verantwoordelijk gemaakt kunnen worden voor het informatiemanagement. Draagvlak vanuit het bestuur en het overige personeel is hier ook cruciaal.