Competenties voor informatiemanagement, architectuur en governance: verschil tussen versies

Uit Kritisch denken wiki
Ga naar: navigatie, zoeken
(Nieuwe pagina aangemaakt met '= Informatiemanagement, architectuur en governance in elk drie werkwoorden = == Governance == Beleggen: kan taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden binnen de...')
(geen verschil)

Versie van 11 mrt 2018 om 21:00

Informatiemanagement, architectuur en governance in elk drie werkwoorden

Governance

Beleggen: kan taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden binnen de organisatie toewijzen passend bij de organisatorische context; Bewaken: kan ervoor zorgen dat waarde, risico’s en middelen optimaal op elkaar zijn afgestemd; Sturen: kan formele en informele sturing geven aan de organisatie en haar medewerkers binnen de afgesproken kaders.

Informatiemanagement

Inspireren: kan het belang van informatie vormgeven vanuit zingeving en betekenis in een sociaal-organisatorische context; Verbinden: kan het belang van de informatievoorziening voor de doelstellingen borgen door te communiceren en te informeren; Organiseren: kan de realisatie van de informatievoorziening coördineren binnen de afgesproken kaders.

Architectuur

Verbeelden: kan de zingeving van de organisatie vertalen naar een visie op de vormgeving; Structureren: kan complexe informatie op verschillende abstractieniveau’s terugbrengen tot de essentie. Afstemmen: kan inhoudelijke kennis, ideeën en meningen vertalen naar gemeenschappelijke standpunten;

Gemeenschappelijk

Communiceren: kan de informatie die past bij de context op een toegankelijke wijze overdragen; Adviseren: kan op een gestructureerde wijze vragen identificeren, antwoorden vinden en besluitvorming faciliteren; Beïnvloeden: kan door adequate interventies mensen overtuigen en tot actie bewegen.

Competenties informatiemangement

Kennis en inzicht

  • kan betekenisgevingsvraagstukken benoemen die relevant zijn voor het bereiken van overeenstemming binnen en buiten de organisatie;
  • kan de inrichtingskeuzes die relevant zijn in de actuele organisatorische context herkennen en samenvatten;
  • kan technologische mogelijkheden plaatsen in een bedrijfskundige en sociale context;
  • kent methoden en technieken voor informatiemanagement en verandermanagement.

Toepassen kennis en inzicht

  • kan inschatten wat het belang en de betekenis is van organisatorische vraagstukken voor de informatievoorziening;
  • kan vraagstukken van zingeving vertalen in concrete acties en de uitvoering ervan coördineren.

Oordeelsvorming

  • kan bepalen op welke wijze veranderingen succesvol georganiseerd kunnen worden;
  • kan inschatten welke informatie waardevol is voor mensen;
  • kan argumenten duiden en hanteren die relevant zijn voor prioritering en besluitvorming.

Competenties Architectuur

Kennis en inzicht

  • kan typische inrichtingen van organisatie, processen en informatievoorziening benoemen, en de voor- en nadelen aangeven;
  • kent methoden en technieken voor het opstellen van architectuur-principes en het modelleren van processen, gegevens en applicaties.

Toepassen kennis en inzicht

  • kan een organisatie op een gestructureerde manier begeleiden van een probleemsituatie naar een oplossing;
  • kan de impact van inrichtingskeuzes uitleggen en hanteren.
  • kan gegevens omzetten in een model dat behulpzaam is om tot verantwoorde inrichtingskeuzes te komen.

Oordeelsvorming

  • kan in een situatie de meest passende inrichtingskeuze bepalen;
  • kan bepalen welke gegevens en meningen verzameld moeten worden om vragen te beantwoorden;
  • kan complexe gegevens terugbrengen tot de essentie.

Competenties Governance

Kennis en inzicht

  • kan benoemen welke aspecten van organisatiekunde betrekking hebben op bevoegdheden en besluitvorming.
  • kent methodes en technieken voor governance, risicomanagement en portfoliomanagement.

Toepassen kennis en inzicht

  • kan de principes en structuren beschrijven en implementeren die nodig zijn ter ondersteuning van de besluitvorming;
  • kan de waarde van investeringen, diensten en middelen voor de bedrijfsdoelstellingen optimaliseren tegen acceptabele kosten;
  • kan ervoor zorgen dat organisatiebrede risico’s begrepen en acceptabel zijn en expliciet worden bewaakt;
  • kan middels formele en informele mechanismen processen, mensen en veranderingen (bij)sturen.

Oordeelsvorming

  • kan inschatten welke hard- en soft controls essentieel zijn gegeven de omgeving, doelstellingen, wet- en regelgeving;
  • kan inschatten waar een organisatie de meeste risico’s loopt en hoe die het beste kunnen worden afgedekt.

Competenties Gemeenschappelijk

Kennis en inzicht

  • kan uitleggen wat de organisatie doet, binnen de afgesproken kaders en wat daarin de belangrijkste uitdagingen zijn

Toepassen kennis en inzicht

  • kan op gestructureerde wijze informatie verzamelen om te komen tot antwoorden op vragen uit de organisatie;
  • kan mensen inzichten geven en tot actie bewegen.

Oordeelsvorming

  • kan kernvragen identificeren die relevant zijn voor verandering.

Communicatie

  • kan gemeenschappelijkheden identificeren, benadrukken en daar draagvlak voor creëren d.m.v. geschikte interventies;
  • kan keuzes onderbouwen met kwalitatieve en kwantitatieve argumenten en besluitvorming hierover faciliteren;
  • kan informatie op een toegankelijke wijze schriftelijk en verbaal communiceren daarbij gebruik maken van de juiste media.

Leervaardigheden

  • kan onderkennen welke aanvullende persoonlijke kennis en vaardigheden essentieel zijn en deze zichzelf snel eigen maken